Hee ma (als meisje werkte je bij HEMA),
Na hem zeker twaalf jaar niet gezien te hebben, stuurde mijn Duitse vriend van lang geleden me ineens een e-mail.
Destijds werd duidelijk dat Peter een latente psychiatrische stoornis had die, min of meer plotseling, manifest werd. Hij liet twee fietsen jatten toen hij hier op bezoek was, had een drankprobleem waardoor hij agressief werd naar mij en achterdochtig naar anderen, veroorzaakte burengerucht en maakte zijn geld op aan de hoeren in de stad en bracht mij, maar vooral zichzelf in verlegenheid met verhalen daarover. Een stapeling van problemen, waardoor hij hier niet meer te handhaven was. Toen ik hem uiteindelijk naar huis stuurde, zei hij de vriendschap op.
Bipolaire stoornis
Daaraan heeft hij zich tot een paar weken geleden voorbeeldig gehouden. Peter bleek een bipolaire stoornis te hebben, ook wel manische depressiviteit genoemd. IK ben op Peters verzoek één keer meegeweest naar zijn psychiater. Net als mijn langjarige Lat-vriendin, Ida en Bert met zijn fronto-temporale dementie, mankeerde hij, naar eigen zeggen, natuurlijk niets. Peter hoopte waarschijnlijk in een situatie te komen van twee tegen één, waarbij hij steun van mij verwachtte. Dat pakte anders uit. De psychiater was zo gul mij naar mijn bevindingen met Peter te vragen. Hij was waarschijnlijk nieuwsgierig wat achtergronden over mijn vriend te horen.
Platform GGz
Ik werkte destijds in de communicatie bij GGz. Toen de man dat doorhad, vroeg hij ineens welgemeend naar welke problematiek ik dacht die Peter zou kunnen hebben. Ik benoemde ‘manische depressiviteit’, zoals dat een vijftiental jaar geleden nog werd genoemd. De psychiater leek het met me eens te zijn. Zo was het plotseling twee tegen één met Peter in het nadeel.
Vluchtgedrag
Ik heb me ook nog uitgelaten over Peters wereldreizen die ik zag als vluchtgedrag voor verantwoordelijkheden en als mogelijkheid om een eigen werkelijkheid te creëren. Ik zag het reizen als symbool voor, en compensatie van iets anders, zonder dat ik weet of dit gedrag typisch is voor een bipolaire stoornis.
Max
Genoeg over Peter; zoveel van jouw aandacht verdient hij niet. Eigenlijk ben ik vooral benieuwd naar Peters zoon Max die ik al vanaf zijn geboorte ken en nu éénendertig zou moeten zijn. Ik herinner me Max vooral als helblond, zesjarig jongetje met krullen die op het Ledig Erf, bij jou om de hoek, stond te dansen tijdens het bluesfestival. Alle meisjes om hem heen, leken op slag verliefd op dat kleine blonde mannetje, en zochten allemaal zijn nabijheid om met hem te dansen. Zo is me dat tenminste bijgebleven, maar Max zelf had natuurlijk niet in de gaten dat hij een stoet aanbidsters had die hem zo mee naar huis hadden willen nemen. Moet ik hem vertellen, zogauw ik Max weer spreek.
Bamboe
Wat ik me ook nog herinner, is dat jij meestal op Bamboe paste als ik naar Duitsland ging; dat ik hem vreselijk miste, terwijl hij na een minuut alweer uitgesprongen en uitgekwispeld was. Bamboe ging volkomen gerustgesteld op mijn voeten liggen en was alweer vergeten dat ik ooit was weggeweest. Had ik me toch zo gehaast om mijn vriendje weer te zien.
Afleiding
Na een jaar alleen maar Duits te hebben gelezen, heb ik nu weer een paar aardige Nederlandse historische romans gevonden. Ik lees nu over de aanstaande vrouw van schilder Jan Steen. Een uitgave met goede timing, want er loopt nu een grote tentoonstelling over de huishoudens van Jan Steen. Het boek gaat feitelijk over de dochter van landschapschilder Jan van Goyen die bijna failliet ging aan speculatie met tulpenbollen.
Biografieën
Jij hield vooral van biografieën, net als je jongere broertje Bram, terwijl ik maar één biografie in mijn hele leven gelezen heb: die over Anton Mussert. Een mooi en tragisch verhaal zonder oordeel, waarin Mussert zeker niet naar voren kwam als de domme en kortzichtige man die Lou de Jong van hem had gemaakt. Hij werd als ingenieur ‘mister Amsterdam Rijnkanaal’ en dan kun je moeilijk dom zijn. Mussert maakte de verkeerde keuze, hield daar veel te lang aan vast en heeft dat met zijn leven moeten bekopen. Het is allemaal makkelijk geoordeeld met de kennis van vandaag. Ik hield de indruk over dat Mussert vooral naïef was. Hij geloofde niet gefusilleerd te zullen worden, zo trouw als hij het vaderland immers gediend had. Tegen beter weten in, want hij was niet de eerste die voor het vuurpeloton kwam te staan. Jouw lievelingsbiografie was die over kunstenares en fotografe Ida Sipora die als Olga figureerde in Turks fruit. Lezen, schrijven, slapen en op de rollerbank fietsen zijn de beste afleidingen van het verdriet om jou. Muziek luisteren doet daar veel minder toe, al heb ik het eindelijk zo vervolmaakt dat nu iedereen die binnenstapt, hoort dat ze naar een set luisteren die veel beter klinkt dan bij hen thuis, zelfs de mensen die er tot nu toe geen gehoor voor hadden. De geluidskwaliteit ging in een paar weken tijd met sprongen omhoog, zodat mijn woonkamer nu op een concertzaal lijkt. Daar ben ik na 15 jaar knutselen, luisteren en aanpassen heel trots op. De finishing touch kwam gewoon van AliExpress en niet uit het goedkoopste, maar het duurste segment. Ik heb gewoon besteld, getest, en heel soms iets teruggestuurd. In Nederland zou dat allemaal vijftien tot twintig keer zo duur zijn geweest, dus onbetaalbaar voor mij. Gelukkiger ben ik er niet van geworden, maar wel een beetje blij en vooral ook trots, omdat ook anderen het resultaat van mijn lange zoektocht naar dit optimum horen en erkennen. Ik hoef er alleen nog maar van te genieten. De reis is ten einde, bestemming bereikt. Dat is eigenlijk jammer, omdat ik het avontuur van ergens heen gaan meestal leuker vind dan ergens zijn.
Tot later,
Tuur
PS: Dit is brief 199, mam ! Al drie dagen niet om je gehuild en toch aan een brief begonnen. Het is lang geleden dat een huilbui niet de aanleiding was om je te gaan schrijven. Ik heb zelfs in vrede de stukjes film kunnen zien, waarop je staat, en wel op de tv. Die in winters Callantsoog vind ik nog steeds het leukst, omdat je daar voor even je onbekommerde zelf was, nog geen 74 en onwetend van het kankerlot dat je beschoren zou zijn. Ik weet nog steeds niet of het nu ‘beter met me gaat’ en of ik dat wel wil. Nu voel ik de tranen toch weer branden, dus ik stop maar gauw.