Mijn vader spreekt veel mensen aan met “maatje”, mij ook. Hoewel dat niet per sé neerbuigend bedoeld is, klinkt het wel zo. Hij gaat met iedereen om, alsof hij bij hen op school heeft gezeten, al was het de directeur van de Rijksluchtvaartdienst.
De laatste twintig jaar van zijn werkzame leven heeft hij zich opgewerkt uit zijn tweede faillissement en bewoont hij een kapitaal landhuis; van de bank dat wel, maar de vliegschool die hij drijft, levert zeker in de jaren tachtig voldoende op om er te kunnen blijven wonen.
Joviaal maar gesloten
Hij waant zich een grote meneer en draagt eind jaren tachtig zelfs iets bij aan mijn studie: totdat ik het geld een keer uitgeef aan iets wat hem niet bevalt: ik schiet iemand een bedrag van een paar honderd gulden voor. De wereld is te klein en ik besluit verder af te zien van zijn bijdrage en zoek een bijbaantje. We hebben er verder nooit meer over gesproken. Joviaal over onderwerpjes die er niet toe doen, maar over zijn kampervaringen spreekt hij bijna nooit. Hoe het daar toegaat lees ik in de dagboeken van zijn oudere broer en mijn oma, die assistent-burgerkampleider is.
Onaantastbaar arrogant
Mijn vader heeft zich na het Jappenkamp onaantastbaar gemaakt: arrogant en neerbuigend kijkt hij op anderen neer. Zijn superioriteitsgevoel is op niets gebaseerd, hij is zelf een kleine ondernemer en slim uitvinder die zijn vindingen niet productierijp krijgt. Dat doen anderen die zijn ideeën stelen, verbeteren of kopiëren en er dan geld mee verdienen.
Grote meneer
Ik had mijn vader graag gevraagd hoe hij zich voelde toen hij uit het kamp kwam: er moet een reden zijn waarom hij is geworden zoals hij is geworden. Vanwaar die tomeloze arrogantie? Hij wil levenslang een “grote meneer zijn” en leeft altijd op te grote voet, vrijwel altijd op kosten van anderen. Pas na zijn overlijden lees ik meer over wat narcisme is en besef ik dat hij aan bijna alle kenmerken naadloos voldoet. Vooral zijn normenloosheid valt op: financieel zakelijk en in de omgang met vrouwen. Hij kan zijn handen niet thuishouden en maakt mijn moeder zwanger, terwijl zijn derde zoon op komst is. Als hij begint te dementeren en al zijn mindere eigenschappen uitvergroot raken, realiseer ik me dat hij een paranoïde hypernarcist is, model Donald Trump. Vader is dan 80 en legt het aan met een 15 jaar jongere buurvrouw, terwijl hij een vriendin van zijn eigen leeftijd heeft die zo goed mogelijk voor hem zorgt.