Lieve mam,
Vandaag zou je één na laatste verjaardag zijn, zoals het geachte sportjournaille het uitdrukt. Ze bedoelen daarmee de voorlaatste, bijvoorbeeld de voorlaatste binnenkomer, in jouw geval je vijfentachtigste verjaardag, maar ze zeggen de ‘één na laatste’, waarmee ze de binnenkomer bedoelen die niet bestaat.
Zoals jouw 87-ste verjaardag nooit meer komt, omdat jij er niet meer bent om hem te vieren. Jouw 87-ste verjaardag is er alleen in mijn hoofd als gedenkdag. De journalisten, bijna allemaal een generatie jonger dan ik, bedoelen de ‘op één na laatste’, maar vergeten een woord, waardoor ze tot Sint Juttemis kunnen wachten op die éne binnenkomer na de laatste die nooit komt. Jij maakte zulke fouten niet en ook geen spelfouten, want jij had ordentelijk de kweekschool afgemaakt. Je deed ook niet mee aan de verengelsing, waarbij: ‘een belofte doen, een compromis sluiten, een beslissing nemen en een stap zetten’, zijn vervlakt tot een belofte, compromis, beslissing en een stap maken. Waar het Nederlands rijker was dan het Engels, poetsen we die weg.
Kofschip
Dankzij jou en je niet eens zo hoge opleiding (met mulo kon je al naar de kweekschool), ‘hunnen’ je kinderen niet. Spellen kunnen de twee jongsten, met respectievelijk MBO en Universiteit niet. Gewoon omdat ze te lui waren om te begrijpen hoe het kofschip werkt. Zalig zijn de onwetenden, want ze zetten er alleen zichzelf mee voor schut.
Onderwijzeres
Was nog maar een tijdje onderwijzeres gebleven mam, in plaats van dat éne jaartje. Het had je veeĺ weerbaarder gemaakt in het leven en je was er goed in. Niet bang om op je knieën te gaan en kind te zijn tussen de kinderen uit je klasjes, zo intiem sta je met hen op de foto. Maar mijn komst maakte een einde aan je korte carrière Je raakte gevangen in een huwelijk van wederzijds onbegrip met grote verantwoordelijkheid voor te veel kleine kinderen. En in plaats van weerbaar, ging je in redeloos en lijdelijk verzet en werd je je recalcitrante en tegendraadse zelf. De spreekwoordelijke rode lap voor een stier die jou ‘Eucalypta’ noemde. En dat was niet grappig bedoeld, maar eerder wanhopig en een uiting van verbaal onvermogen van een Booskaboutertje.
Afscheidskus
Het moet al meer dan een jaar geleden zijn dat je me voor het laatst een schoorvoetende knuffel gaf toen ik bij je wegfietste. Ik sloeg altijd aarzelend een arm om je heen, omdat ik dacht dat je je verplicht voelde lichamelijk met je kinderen te zijn. Misschien heb ik me altijd vergist en was ik degene die afstand hield. Ook hierover praatten we niet. Nu ik dit opschrijf, huil ik alweer, veel en wanhopig als ik aan al mijn gemiste kansen denk jou nabij te zijn en je misschien te troosten in je doodsangst van je laatste levensjaar. Ik sta al maanden voor een vreemd dilemma: bijtijds opstaan betekent dat er een lange dag voor me ligt van piekeren, rouwen en huilen om jou, en als ik op bed blijf liggen, doordenk ik hoe ik een einde aan dit tranendal kan maken. In bed huil ik in elk geval veel minder. Ik kan niets meer overdoen, nooit meer beter doen, niets meer vragen. En langs je poppenhuisje durf ik niet meer te gaan, bang voor de confrontatie met een wildvreemde. Daarom huil ik steeds weer, tenzij ik slaap of dommel.
Het liefst zou ik mezelf de dood indommelen. Jou achterna in het niet-zijn.
Ik kom nog terug op je verjaardag mam; benieuwd naar hoe ik hem ga beleven. Misschien moet ik nog ergens wat as verstrooien?
La Chouffe
Heb mezelf een Chouffie (La Chouffe) ingeschonken, hoewel ik bijna nooit meer drink en speciaal op deze dag niets te vieren, maar veel te gedenken heb. Ook drinken is niks meer zonder jou. Het etiket is nog lelijker geworden met hardgroene blokletters, zodat ik dacht een alcoholvrije te pakken te hebben. Gelukkig niet en het smaakt me nog. Jij kocht ze altijd zo trouw voor me en ook daar huil ik om. Ik kan om alles janken mam, ook na acht maanden nog.
Bijtijds op
Stond vandaag bijtijds op en heb gisteren en vandaag redelijk normaal gegeten. Dat is een zeldzaamheid. Ik wil proberen mijn gewicht te stabiliseren op 70 kilo. Dan moet ik een beetje gaan experimenteren met calorieën en vastendagen en als deze vreselijke winter voorbij is met wandelen en fietsen.
Afvallen
Er is de komende dagen veel te doen in de stad tijdens het Cafetheaterfestival. Ik heb veel voorstellingen in de agenda gezet en verheug me erop.
Ik kan niet eens alle dagen, want op zaterdag ga ik Uta weer zien optreden. Deze keer speelt ze in Düren. Het verschil met mijn gemoedstoestand van afgelopen september in Hannover is groot, toen een meisje in de trein me nog moest troosten.
Ik mis je nog steeds en de leegte is groot, maar ik kook weer goed voor mezelf en eet weer iets beter. Desondanks val ik nog steeds af. Ik weeg nog maar 71 kilo. De dokter vindt het zorgelijk, maar ik vind het prettig van mijn buikvet af te zijn. Mijn hartslag is te hoog en ik maakte de toespeling op de hamster die dankzij zijn hoge hartslag niet oud wordt. Ik heb niet verteld dat ik de hele winter op bed heb gelegen en ik daarom geen conditie meer heb. Ze wilde me naar de diëtiste sturen, maar ik wil mijn gewicht pas stabiliseren als al mijn buikvet weg is. Dat zal rond de 69 kilo zijn. Dan heb ik wat speling, mocht ik weer iets aankomen. Ik ben het grootste deel van mijn leven 5 à 6 kilo te zwaar geweest en nu is het weer niet goed. Aan bloedprikken ontkom ik niet.
Lente in zicht
De zon schijnt vaak, de ellenlange kwakkelwinter is voorbij en verheug me op het fietsen. Geen idee of dit levensgevoel blijft, maar het contrast is al groot met het bovenste deel van deze brief dat ik een maand geleden schreef ter ere van je aanstaande geboortedag. Misschien komt het door het anti-depressivum of door de aanstaande lente, maar ik voel me minder verdrietig.
Ik zie nog elke dag je gezicht en hoor je stem, maar huil niet elke dag meer om je. Ik weet niet hoe het kan en of ik me er schuldig om moet voelen. Een maand geleden wilde ik nog het liefste dood; nu wil ik als laatste acte van mijn leven nog één keer de liefde vinden. Zeker nu ik besef dat zelfs met jouw dood te leven lijkt, zie ik niet in waarom ik nog langer mijn bindingsangst zou cultiveren.
Grafkaars
Ik wilde een rode led-kaars kopen, zoals jij die had, maar dat is niet gelukt. Lelijke dingen met afstandsbediening en de verkeerde kleur rood. Dan maar een grote grafkaars gekocht bij Action. Die kan ik volgende week ook op de gedenksteen voor Aoife zetten. Als jij in de Hemel nou gewoon haar surrogaat-oma wordt, dan kan ik jullie straks vinden als ik zelf aan de beurt ben (wat een troostrijke onzin, kan een mens verzinnen, mam !).
Huisarts
Bij de huisarts vertelde ik nog braaf dat de leegte nog steeds de overhand heeft, maar dat het er desondanks op lijkt dat er iets van aanvaarding in zicht komt. In het park zag ik een veld vol krokussen, viooltjes en narcissen en voor het eerst in acht maanden stond ik er even bij stil en vond ik het mooi als altijd. Maar in de nacht van vier maart moest ik weer wanhopig om je huilen, zoals in maanden niet is gebeurd. Dan kan ik plotseling niet geloven dat je voor altijd weg bent, zeker niet als ik je opgeruimde gezicht zie en je vrolijke stem hoor op het winterse strand van Callantsoog. Dan weet ik plotseling niet meer of ik nog verder wil leven. Afvallen kost geen moeite, eten wel. Zelfs de dokter ziet nu in dat het misschien menens is. Ik weet het nog niet, maar ik laat niemand achter die me zal missen.
Goede herinneringen
In de nacht na je verjaardag schreef ik iets meligs op je Facebooprofiel, namelijk ‘dat aan je schrijven beter is dan om je huilen, maar dat ik het na acht maanden oefenen beide tegelijk kan.’ Spits gevonden, toch? Weet je wie erop reageerde? Arjo Slob die nog veel goede herinneringen aan je heeft, bijvoorbeeld dat ze als klein meisje poppen met jou maakte. Kwamen je onderwijzersvaardigheden, zoals geduld oefenen weer vasn pas.
Ouwe Dick
Het is al dagen mooi weer, dus kon ik weer eens naar mijn vriend in Baarn fietsen. Hoe dement hij ook is, zijn smartphone kan hij nog opnemen en de afstandsbediening van de tv snapt hij ook nog. Bert kon dat echt niet meer en hoe technisch begaafd mijn verwekker ook is geweest; de oplader van de telefoon rukte hij keer op keer uit het muurcontact, omdat het zwarte trafootje tegen de witte muur hem stoorde. Zo maakte hij zichzelf onbereikbaar. Dementie kent blijkbaar zoveel vormen als er mensen zijn. Dat ik verdriet had omdat jij dood bent, drong dan weer niet tot Dick door. Compassie heeft hij niet meer, maar ik was blij dat Dick nog leeft. Op zijn afdeling zit nog één vrouw die aanspreekbaar is. Ik denk dat ik binnenkort terugga om haar te spreken, voor het te laat is. Volgens mij was ze een vlotte meid die iets te vertellen heeft en net als jouw zus Loes nog niet zo heel oud was toen de dementie haar in zijn greep kreeg. Over gebrek aan compassie van Dick gesproken: hij kijkt neer op de ‘rare wijven’ om hem heen en denkt dat hijzelf niets mankeert, behalve dat hij oud is. Ik laat het maar zo.
Bamboe
Als ik ooit nog een hondje zou hebben, zoals Bobo, zou hij Bamboe gaan heten. Ik zou nu geen behoefte meer hebben aan een handenbinder. Wel komt hij sinds jouw dood vaak in liefde terug in mijn gedachten. Zo goochem als hij was. Zocht hij een aai dan probeerde hij te spinnen als een poes, al werd het bij hem een soort brommelen vanuit de buik. Hij was bakzindelijk en ging de katten achterna door het luik in de keukendeur. Hij deed ze in alles na, alleen miauwen kon hij niet. Bobo’s bakzindelijkheid vond dierenarts Kees Mol een wonderbaarlijke prestatie.
Op stap
Hij ging in zijn uppie uren op stap, tot we hem konden ophalen in het asiel. Goed dat hij altijd een penning om had. Die heb ik nog steeds. Door je gewelddadige ex Theo gegegraveerd. Ik heb jarenlang uitgekeken naar weer zo’n mooie wijsneus, die deed of ie een kat was, met een tekening van lichtbruin naar diepzwart. Ik heb twee keer zoiets gezien, maar dan groter. Ik ben lang blijven uitkijken, uit een soort heimwee. Ik was vertederd, omdat ik hem er zo graag in wilde herkennen. Kees Mol is misschien al wel vijftien jaar dood. Mensen die echt niets meer te melden hebben, zoals ouwe Dick zeggen dan: ‘We komen allemaal aan de beurt.’ Een hond zal er vast niet meer van komen en ik kan hem ook geen vijf dagen per week jouw handen laten binden, zoals je oudste dochter deed. Misselijkmakend ma. Waarschijnlijk betaalde je van je AOW ook het hondenvoer nog. Wat had ik nu graag een kattenluik in mijn achterdeur gezaagd om Bobo te plezieren, maar ik hoorde juist vandaag dat de kat van de overburen in de straat is doodgereden. Onbegrijpelijk, want je kunt er alleen stapvoets doorheen. Het zal wel weer zo’n koerier met haast geweest zijn. Hoe goed mijn vriendje ook luisterde; in z’n eentje veilig oversteken, kon hij niet. Ik stop maar, anders word ik weer woest of verdrietig. Ik kan beter mijn mooie en gekke herinneringen aan jou en Bobo koesteren. Wat ben ik blij dat ik je nog schrijven kan ! Nu snel koken en dan naar het theaterfestival.
Maatjesproject
Ik was met iemand die ik pas sinds een paar maanden ken bij het festival. Ik ben in dit geval zijn ‘maatje’ en doe voorstellen voor uitstapjes. Jan’s fiets bleek gestolen en hij wond zich op als de eerste de beste psychotische zwerver. Jan werd staande gehouden, waardoor hij nog bozer werd. Dat begrijp ik: in je kladden gegrepen worden, terwijl je geen dader maar slachtoffer bent. Ik kon niets voor hem doen; Jan was voor geen rede vatbaar. De hele verrotte wereldpolitiek en het onfatsoen waren schuld aan zijn misfortuin. Onnavolgbaar voor jou en mij: wij waren met een vloek en schouderophalend naar huis gelopen onder de verzuchting: ‘Morgen zien we verder’. Ik dacht wel: ‘Had je ‘m maar aan een paal moeten vastzetten’. Van mij is nog nooit een fiets gestolen. Net effe verder kijken dan je neus lang is, een goede ketting kopen en vijf stappen verder zetten dan je voeten willen. Na thuiskomst heb ik Jan geld geboden voor een nieuwe fiets, omdat hij immers op mijn uitnodiging in het café was. Meer bedoeld als gebaar, maar ik meende het wel. Jij werd immers om minder dan een verdwenen fiets bont en blauw geslagen. Precies daarom betekenen geld en bezit niets voor mij.
Dag ma, anders ga ik huilen, voor de duizendste keer.
Asperger-Pieter
Ik houd je op de hoogte van mijn wedervaren met Uta in Düren. Het zal wel weer stiekem huilen worden bij één van haar liefdevolle liedjes en me ’s nachts verbijten als Asperger-Pieter zich ligt af te trekken op weet-ik-wat-voor-fantasie. Echt waar, eerder meegemaakt tijdens een overnachting in Osnabrück. Eigen schuld, moet ik maar beter leren slapen. Maar gehuild heb ik uiteindelijk niet en Pieter hield zich in.
Optreden Düren
Uta was geroutineerd goed met haar cabaret, vermengd met poëzie en liedjes. De zaal was ongezellig, in een moderne, betonnen kelder, en iets fatsoenlijks te eten was er niet. Het zou te wijten zijn aan personeelsgebrek, maar een half jaar geleden maakte ik in Hannover precies hetzelfde mee. Vooral aan de stations zie je in één oogopslag hoe welvarend Nederland is. Alles in fris geel en blauw geschilderd; in Duitsland alles grijs en grauw. Een ontwikkelingsland in wording
Lange wandelingen
Asperger-Peter zet zijn hele Facebook-profiel vol met lange wandelingen die hij zou maken, zelfs in het buitenland maar ik neem dat inmiddels met een korrel zout. Zowel op de heen als terugweg van en naar Düren misten we verschillende overstaps omdat hij met stok en al achter me aan strompelt. We misten er weer één toenhij zijn Ov-kaart tussentijds blijkt te moeten opladen, want aan internetbankieren doet hij niet. Een creditcard heeft hij dan weer wel. Onnavolgbaar inconsequent, die jongen. En in Düren bleek hij ineens te lui om een paar kilometer te lopen en deed alles met de bus. Blij dat ik mijn vouwfietsje meehad. Hij wachtte op de bus en ik op hem, daar kwam het op neer. Daardoor hebben we wel drie uur vertraging opgelopen bij de heen- en terugreis, Gelukkig heb ik geleerd mijn ziel in lijdzaamheid te bezitten, Pieter is in alles traag; hij hakkelt en praat zelfs traag Duits, en hard. Volgende leer ga ik lekker weer alleen Uta zien.
Veel liefs,
Tuur
PS: Twee weken geleden heb ik je bankrekening gesloten en je e-mailadres opgeheven. Je bestaat nu alleen nog in je weblog en in mijn hoofd. Dat ga ik zo houden. Zolang ik leef, blijf je bij me. Ik denk dat het in liefde kan, zonder een gevoel van diepe heimwee, zoals ik nog geen twee maanden geleden had. Ik mis ook de vrienden niet meer die er niet voor me waren. Hun medeleven kan me gestolen worden.