Lieve mam,
Maar één keertje gehuild vandaag. Dat is in tijden niet gebeurd. Contact gehad met een zogeheten sociaal makelaar. Zij wees me op allerlei activiteiten in de buurt en misschien word ik wel vrijwilliger bij een zekere ‘Jan’ die ook ergens in Oost woont, volgens mij bij jou en Carine in de buurt. Als het klikt, kunnen we misschien af en toe naar muziek gaan.
Ik heb duidelijk aangegeven dat ik alleen nog maar vrijwilliger wil zijn bij iemand met eruditie en nu zeg ik impliciet iets ten nadele van jou. Dat zij dan zo. De enige eruditie die ik heb meegekregen, komt van school en de rest heb ik mezelf eigen gemaakt. Zo zie ik dat.
Zin in het leven
Morgen met Tony naar Spaanse muziek in buurtcafé Averechts, als hij al komt. Ik moet onder de mensen komen om weer zin in het leven te vinden, zonder jou.
Ouwe Dick
Vanmiddag naar ouwe Dick gefietst in Baarn. Hij denkt dat hij alleen ‘een beetje vergeetachtig’ is, maar ondertussen zit hij effectief opgesloten. Hij is lijdzaam, was erudiet, maar nu vooral dement. Hij leest, maar ik denk dat er nog maar weinig beklijft. Dick herkent me nog en zolang blijf ik naar hem toegaan. Wat me vooral opvalt, is dat hij steeds verder ontremd raakt. Hij zegt over iedereen in huis ‘dat ze niet helemaal goed meer zijn’, en geeft luidop commentaar, alsof ze allemaal doof zijn. Schaamte of mededogen heeft hij niet meer, terwijl het zo’n lieve man was. Gelukkig heeft hij het zelf niet in de gaten.
Machteloosheid
Inderdaad lijkt hij nog één van de beteren in het huis, samen met een grijze vrouw die volgens mij nog niet veel ouder dan 75 kan zijn. Op een gegeven moment ging een man die Bert heet en alleen nog maar lispelt, pardoes in de gang op de grond liggen. Ik had hem eens gesproken en begreep met een beetje moeite dat hij bang was. Bert kwam toen heel dicht tegen me aanstaan en leek bescherming te zoeken. Na mijn ontmoeting met hem destijds, liep ik huilend van machteloosheid naar buiten. Dat kwam waarschijnlijk ook, omdat mijn eigen vader Bert heet en hij ook dementerend aan zijn eind is gekomen. Jij weet hoe vreselijk het was en hoe recalcitrant hij was. Nog veel ontremder dan Dick. Mijn vader maakte zelfs seksuele avances naar verzorgenden, waardoor ze ‘op de vlucht sloegen’. Dat doet ouwe Dick volgens mij niet. Bert die langs de muur was gaan liggen, was zelfs door drie verzorgenden niet overeind te krijgen. Hij bleef stoïcijns liggen, als een pop die een bezemsteel had ingeslikt. Uiteindelijk hebben ze maar een kussen onder zijn hoofd geschoven. Het leek me niet behaaglijk op een koude linoleumvloer.
Denigrerend commentaar
Dick bleef maar commentaar geven, alsof hij een voetbalwedstrijd versloeg: ‘dat zijn borst nog steeds op en neer ging’, dat ‘Bert lag te slapen’ en dat ‘het misschien wel een lekker bedje was’. En allemaal op luide toon. Ik vreesde dat Bert op een gegeven moment zou opstaan om Dick een klap te komen geven, maar dat gebeurde niet. Niemand reageert ooit op Dicks denigrerende commentaar. De meesten zijn al te ver heen om überhaupt te snappen dat het op hen slaat. En dat is maar goed ook, anders zou er voortdurend ruzie zijn. Toen ik na drie kwartier wegging, lag Bert nog steeds op de grond. Hij had zich in de tussentijd alleen een keer van rug op zijn zij gedraaid en terug.
Lange brief
Zoals Dick, laat staan als één van zijn huisgenoten die veelal zitten weg te suffen in een stoel, had je niet willen worden, mam. Daar troost ik me mee voor vanavond. Gehuild heb ik in elk geval weinig vandaag, alleen even naar aanleiding van een bericht van Nicole. Is het toch zomaar weer een lange brief geworden. Het is fijn je te schrijven, want zo blijf je bij me en het voelt een beetje als de telefoongesprekken die we hadden.
Veel liefs,
Tuur
PS: Volgende week weer een gesprek met de praktijkondersteuner van de huisarts en een intake bij Humanitas dat vrijwilligers bemiddelt bij rouwverwerking. Jij komt er niet mee terug, dus ik moet nog zien wat het uithaalt. Misschien blijkt het schrijven en onder de mensen komen uiteindelijk genoeg. Ik heb op dit moment helemaal geen zin om alles wat opschrijf ook nog eens in gesprekken te gaan oprakelen, bijvoorbeeld over het misbruik door je dochters. Je hebt het zelf toegelaten, bent daardoor medeverantwoordelijk en hoe vaak ik er ook over praat: terug te draaien is het niet.